Burenruzies, samenwonen is niet altijd gemakkelijk. - Actua mede-eigendom - Kantoor Van Wynsberghe

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Burenruzies, samenwonen is niet altijd gemakkelijk.

Kantoor Van Wynsberghe
Gepubliceerd door in Leven in mede-eigendom ·
Van damesondergoed tot de mazoutrekening: het strijdtoneel van de syndicus

‘Ik ben een bemiddelaar, een bouwkundige, een accountant, een sociaal assistent en een advocaat in één persoon.’ In de helft van de appartementsgebouwen is er een conflict. En dan moet de syndicus opdraven.

De damesonderbroek die de riool doet overstromen en zo het hele gebouw in stank achterlaat, de psychiatrische patiënt die er op een nacht 40.000 liter water heeft doorgejaagd. En dat op kosten van alle medebewoners van zijn appartementsblok. Als syndicus heeft Hedwig Van Doninck veertien jaar ervaring op de teller. ‘Straffe anekdotes genoeg.’

Zijn kantoor, Jalo Beheer, is eens in de cijfers gedoken voor de 356 appartementsgebouwen ­– goed voor 7.500 appartementen – die ze beheren. En de conclusies zijn op z’n minst opvallend te noemen. Zo is er in de helft van de gebouwen sprake van een conflict. ‘Dat hoort erbij’, klinkt het.

Conclusie 1: geld, geld, geld

Van Doninck: ‘In één gebouw staan verschillende belangengroepen tegenover elkaar. En ieder heeft zijn eigen visie. Een verhuurder denkt bijvoorbeeld aan zijn rendement. Een onderhoudswerk hier of daar zou nog wel een jaartje kunnen wachten. Terwijl een nieuwe eigenaar misschien zo snel mogelijk die investering wil doen.’

Blijft die kartonnen doos langer staan dan nodig? hh
‘De eigenaars moeten elkaar overtuigen van hun gelijk. Om werkzaamheden te doen, is een drie vierde meerderheid nodig in een gebouw. Dan wordt het praten, discussiëren, palaveren. Als syndicus proberen we dan objectief advies te verlenen. Soms is het nodig om investeringen te doen, om die niet langer uit te stellen.’

‘Vaak gaat het ook om prullen. Bijvoorbeeld het onderhoud van lift X door bedrijf Y. Een van de verhuurders heeft dan een schoonzoon die het onderhoud 75 euro per jaar goedkoper zou kunnen doen. Aan ons is het dan om de pro’s en contra’s af te wegen. Beter een gereputeerd bedrijf dan een amateur bijvoorbeeld. Maar uiteindelijk zijn het de eigenaars die het laatste woord hebben.’

Conclusie 2: ook geur- en geluidsoverlast doen de potjes overkoken

Van Doninck: ‘Bij de aanschaf van een appartement, zeker op plan, zien mensen al eens iets over het hoofd. Bijvoorbeeld dat hun slaapkamer boven de garagepoort ligt. Die dag en nacht open en dicht gaat. Dat maakt vaak lawaai. En dat levert veel ergernis op. Of wie op een gelijkvloerse verdieping woont aan de kant waar de voordeur in het slot valt. Dan dreigt de muur al eens te daveren als andere bewoners binnenkomen en buitengaan. Dat kan hinderlijk zijn. Maar hoe los je dat op?’

‘En dan zijn er natuurlijk de onderlinge ergernissen van samen te leven. Nieuwe appartementen zijn vaak goed geïsoleerd. Het geluid van de televisie zal niet vaak door de muur dringen. Maar bijvoorbeeld het getik van hakken op een tegelvloer, dat kan veel lawaai maken.’

‘We proberen eigenaars te informeren over die ongemakken, via nieuwsbrieven en via gesprekken. Sommige zaken zijn makkelijk op te lossen, gewoon die hakken uitdoen aan de voordeur bijvoorbeeld. Maar er zijn ook hardleerse klanten. Dat kan de sfeer in gebouwen verzieken. Ik kom op plaatsen waar mensen elkaar niet meer spreken, waar ze zelfs elkaar het leven zo onaangenaam mogelijk willen maken.’

Conclusie 3: er bestaan veel misvattingen

‘Inwoners zijn niet altijd even goed op de hoogte van wat ze mogen en niet mogen. Er doet een hardnekkige legende de ronde dat er een garantie van tien jaar bestaat op een nieuwbouwappartement. Gaat je slot bijvoorbeeld na drie jaar kapot, dan komt de aannemer dat vervangen.’

‘Niet dus. Er bestaat een aansprakelijkheid van tien jaar voor de waterdichting en stabiliteit. Het mag niet binnenregenen en je gebouw moet recht blijven staan. Maar daar houdt het op.’

‘Het is niet ongewoon dat we naar de vrederechter stappen. Er zijn mensen die het vertikken om te betalen. Maar er zijn er ook die het geld niet hebben. Dat levert soms vervelende toestanden op. Een appartementsblok met zes gezinnen bijvoorbeeld, van wie er twee netjes betalen voor de mazout, en de rest niet. Daar is de verwarming afgesloten geweest in de winter, ook voor de gezinnen die wel betaald hebben. Dat levert heftige bewonersvergaderingen op.’

‘Ik heb zelf al eens geld voorgeschoten voor een gezin met een kindje van enkele weken. Ik kon ze niet in de kou laten zitten.’

‘Als syndicus maak je alle facetten van het leven mee. Ik ben een bemiddelaar, een bouwkundige, een accountant, een sociaal assistent en een advocaat in één persoon. Ik zie heel wat, zeker in de grote steden. Dat houdt het boeiend. Elke dag is anders.’

Bron: De Standaard



Kantoor Van Wynsberghe Bvba ©
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu